<% @language="vbscript" %>

Infectieziektes
 Home Up NIEUWS LINKS FOTO'S Marathonestafette                                     

LOOPGROEP BLIXEMSNEL 

bullet Nieuwsbrief
bullet REKOEFENINGEN
bullet TRAININGSSCHEMA'S
bulletMARATHONESTAFETTE
bulletUITSLAGEN
bulletTRAILRUNNING
bullet BLESSURE ABC
bulletLEDENPAGINA
bulletLINKS
bulletROUTES
bulletFOTO's
bulletARTIKELEN
bulletGROEPREGELS/TIPS

Best: monitorinstelling 1152 x 864
 ONZE SPONSORS


  TRAININS..      E  
TRAININGSLOKATIE

Aanschotpark bij Opaal/Onyx

      *  *  *  *  *  *

CONTACTPERSONEN

Vincent Vloemans tel. 040 2484255  
Vincent@blixemsnel.nl

Lidmaatschap AtletiekUnie via Hans Willems tel 040 2565068 Hans@blixemsnel.nl
Lees:
ATLETIEK-UNIE
Aanmelden online

      *  *  *  *  *  *

KLEDINGSPONSORS

BASKUUL accountants & belastingadviseurs

Infectieziekte in de sport.

Door de aandacht in de media voor de vogelgriep, is het misschien een goed idee om eens te kijken naar de infectie risico’s die sporters lopen door het uitoefenen van hun sport.

Belastende trainingen tasten je weerstand aan. Door de verstoring van de balans in je lichaam (training) neemt het aantal T cellen ( welke een grote rol spelen bij je weerstand) af. Het is echter nog onduidelijk hoe deze beïnvloeding van de weerstand werkt. Mogelijk dat het teruglopen van energie (suikers) hierin belangrijk is. 2 of 3 suikerklontjes na de training doet het aantal T cellen stijgen.

Uit onderzoek is gebleken dat sportmensen die minder dan 32km per week trainden, minder vaak een infectie hadden dan sportmensen die driemaal zoveel trainden. Daarnaast is gebleken dat de intensiteit van de training hierbij ook een belangrijke rol speelt. Als de intensiteit van de sportbeoefening lager ligt dan 65% van de maximale zuurstofopname, wordt het weerstand tegen infecties gestimuleerd, waardoor de kans op een infectie afneemt. Bij inspanningen met een hogere intensiteit neemt (tijdelijk) de weerstand tegen infecties juist af, waardoor de (tijdelijke) kans op een infectie toeneemt.

Sporters die 'overtraind' zijn hebben een verhoogde kans om een infectie op te lopen. Bij overtrainde sporters is de balans tussen belasting en belastbaarheid langdurig verstoord. Deze situatie wordt vooral veroorzaakt door (te) zware trainingen waarbij onvoldoende tijd voor herstel wordt genomen. Vaak vertellen deze sporters dat zij al een paar weken niet lekker 'draaiden' voordat zich vervolgens een infectie openbaarde. In deze fase zie je soms een koortslip of gordelroos ontstaan, het teken van een verminderde weerstand. Het is dan de vraag of dit 'niet lekker draaien' al een uiting was van de beginnende infectie of dat deze sporters al overtraind waren, waardoor de kans om een infectie op te lopen groter was.

Daarnaast speelt de kwaliteit van de voeding een belangrijke rol. Vanzelfsprekend zal de voeding voldoende energie moeten bevatten, waarbij zo'n 55-60% van de energie uit koolhydraten gehaald moet worden, zo'n 30% uit (onverzadigde) vetten en zo'n 10 -12% uit eiwitten. Daarnaast dient de voeding ook voldoende mineralen en vitamines te bevatten, waarvan ijzer en vitamine C in het geval van de opbouw van weerstand tegen infecties de belangrijksten zijn.

Griep en verkoudheid.

Griep en verkoudheid zijn infecties waarmee we in ons klimaat regelmatig te maken hebben. In de koude, vochtige jaargetijden, als onze weerstand extra wordt beproefd, komen deze aandoeningen het meest voor. Bij verkoudheid zijn de slijmvliezen van de bovenste luchtwegen ontstoken. Hoesten, niezen, keelpijn, hoofdpijn en tranende ogen zijn daarvan het gevolg. Bij griep is eigenlijk het gehele lichaam betrokken; koorts, spierpijn, een algeheel gevoel van slapte zijn veel voorkomende verschijnselen. Er zijn nog wel enkele verschillen aan te geven tussen een verkoudheid of griep.

Bij een verkoudheid zullen de symtomen in het algemeen niet zo heftig zijn en ligt het accent van de klachten op de slijmvliezen van de neus. Een verkoudheid wordt veroorzaakt door een virus dat al in het lichaam aanwezig is, maar pas bij verlaging van de weerstand tot een infectie zal leiden. Gemiddeld kan iemand 1 tot 2 keer per jaar een verkoudheid oplopen.

Griep is het gevolg van een (epidemische) besmetting door een (influenza)virus, dat wordt verspreid door handcontact, hoesten of niezen. Afhankelijk van de lichamelijke conditie kan iemand meer of minder vatbaar zijn voor een infectie met het griepvirus terwijl ook de hevigheid waarin iemand griepverschijnselen krijgt, sterk kan verschillen. Bij een echte griep wordt iemand binnen enkele uren ziek, waarbij het accent van de klachten meestal ligt op bonzende hoofdpijn, hoge koorts en spierpijn over het hele lichaam. Soms wordt de keel rood en pijnlijk en treedt een droge hoest op. Aangezien er vele soorten griepvirus zijn, bestaat de kans dat iemand meerdere keren per jaar (winter) griep krijgt. De kans daarop is niet zo groot, want gemiddeld krijgt ruim één op de twintig mensen griep. Voor sporters is dat als regel een ramp, want het betekent dat ze veel conditie kwijt zullen zijn en zeker één of meerdere weken niet (goed) kunnen trainen.

Het ontlopen van deze infecties is moeilijk. Belastende trainingen zijn nodig, als je ze niet uitvoert, dan verbeter je niet. Dit betekent dat een zeker risico genomen wordt door sportbeoefening. Het virus krijgt door een (te) lage weerstand kans te vermenigvuldigen, de ziekte is heftig en langdurig.

Hoe groot de risico’s zijn is afhankelijk van je gedrag als er een infectie is. Een deel van het risico tot het verspreiden van een virus of bacterie in je lichaam is niet altijd te voorkomen, maar sporters hebben daarop een verhoogde kans. Ook tijdens carnaval is er een verhoogde kans. Je ziet dan het griepvirus toeslaan; veel mensen bij elkaar met een lage weerstand door vermoeidheid en slechte voeding. Het virus kan dan sterk worden.

Wat te doen.

Een aantal zaken kun je preventief doen. Zorgen voor een gezonde voeding. Genoeg rust en slaap. Mogelijk slikken van antioxidanten (vitamine E en C en bètacaroteen,e.d.), in de R maanden Echinaforce druppels van Vogel of Bloem. Ook met een griepprik verlaag je het risico aanzienlijk. Verder kun je tijdens een uitbraak van griep je trainingsinspanningen verminderen.

Wat te doen bij verkoudheid en griep.

Het is belangrijk jezelf een regime op te leggen.

Verkoudheid.

Verminder je inspanningen. Probeer je weerstand te verhogen (minder km, lage intensiteit, voeding). Neemt de verkoudheid toch toe of komt er koorts bij, stop de trainingen. Op het moment dat de verkoudheid en/of de koorts over is, zeker 48 uur, kun je rustig opbouwen.

Griep.

Bij griep onmiddellijk de trainingen staken (trainen is ook niet mogelijk). 48 Uur na het verdwijnen van de koorts en de spierpijn als mogelijk de trainingen weer hervatten.

Eerste week twee of drie rustige duurloopjes. Wacht na elke training de reactie af, krijg je meer spierpijn dan normaal of voel je na de training tijdelijk minder fit, stel de volgende training 72 uur uit. Blijf dat doen tot er geen reactie meer is en voer dan eerst het aantal trainingen weer op, en als alles goed blijft, daarna de trainingsintensiteit. Het normale trainingsprogramma kan na 4 weken weer gevolgd worden.

Train nooit met koorts (meer dan 38 gr.), zeker niet als het onduidelijk is waar de koorts vandaan komt. Train nooit als je om een onduidelijke reden moe bent.

Bovenstaande is natuurlijk ook van toepassing op alle andere infectieziektes zoals longontsteking, keelontsteking en andere infectieziektes waarbij koorts aanwezig is. Ook bij steenpuisten is de nodige voorzichtigheid geboden.

Aanvulling:

Meet niet na de training je temperatuur! Door de inspanning wordt je temperatuur iets hoger. Na een verkoudheid is dit temperatuurverloop verstoord. Als je dan bijvoorbeeld 38 graden meet hoef je niet per sé koorts te hebben. En uh de vogelgriep is gevaarlijk voor vogels en nog lang niet voor de mens. Als het zo ver is, dan horen we het wel en ook wat we dan moeten doen.

 

Last modified: 01-jan-2014